• Header
  • Header
  • Header
  • Header
  • Header
  • Header
  • Header
klogozwart

Vogelbeschermingswacht Zaanstreek
Werkgroep Roofvogels en Uilen

Broedgeval rosse stekelstaart in het Wormer- en Jisperveld

21-06-2021 15:25

Broedgeval rosse stekelstaart in het Wormer- en Jisperveld

WORMER – De rosse stekelstaart is de spreekwoordelijke wolf in schaapskleren onder de eenden. Je raakt gedrogeerd door zijn uiterlijk met felle kleuren, maar pas op! Natuurliefhebbers zien hem liever gaan dan komen en dit is niet zonder reden.

Door David Sluis en Marcel Boer

Al een paar jaar verblijft dit frappant uitziende exotische eendje ‘s zomers in het Wormer- en Jisperveld. En sinds vorig jaar is hij ook tot broeden gekomen. Niets aan de hand zou je denken. Maar de rosse stekelstaart, genoemd naar de puntige rechtopstaande staart die vooral na een onderwaterduik ineens opveert als een springveer, is wat voortplanting betreft niet zo kieskeurig en daar schuilt het probleem.

De rosse stekelstaart is een eend die zijn oorspronkelijke leefgebied in Noord-Amerika heeft. Vanwege zijn pracht wordt hij ook gehouden in privécollecties in Europa. Maar daar is hij tientallen jaren geleden uit ontsnapt en vormt nu een bedreiging voor een deel van de inheemse duikeendenfauna. Dat dit niet onschuldig is, blijkt wel uit het feit dat de rosse stekelstaart in Spanje kans heeft gezien om de nauw verwante en zeldzame witkopeend met uitsterven te bedreigen. Daarom mag hij in de gehele EU bejaagd worden en het liefst worden uitgeroeid. Ook mogen er geen nieuwe dieren verhandeld of gefokt worden.

Dit jaar had de woerd (het mannetje) in het Wormer- en Jisperveld bij afwezigheid van soortgenoten een vrouwtje tafeleend (ook een duikeend) versierd. Nu zwemt hij trots met vrouw en vijf bastaardpullen (hybriden) in het rond. De hybriden zelf zijn meestal onvruchtbaar. Tafeleenden zijn algemeen en zullen niet snel bedreigd worden door dit ene broedgeval. Maar het is zeker een ontwikkeling om in de gaten te houden. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald.

Foto’s: Jos Spijkerman

Bron: www.rtvzaanstreek.nl

De eerste planning was om op zondagmorgen 20 juni het water op te gaan voor onze jaarlijkse ringdag van de werkgroep in het Wormer en Jisper veld, maar doordat er in de weken hiervoor al diverse nesten geringd werden met al zeer grote jongen daarop werd er besloten om deze tocht met een week te vervroegen naar 13 juni.
Prachtig weer deze zondag en bij het vertrek was het nog heerlijk stil op het water en konden we genieten van het uitzicht dat we voorgeschoteld kregen.

Op 11 mei waren de nesten voor de laatste keer gecontroleerd en met die lijst aan nestgevallen vertrokken we naar nest 1 voor deze dag, een buizerd nest waar 3 eieren op gezien waren bij deze controleronde. Eenmaal bij het nest aangekomen pakte Jos zijn spiegelstok en schoof deze tot maximale hoogte uit en met de kleine camera bovenop deze spiegelstok gemonteerd kon hij op zijn telefoon deze beelden ontvangen en bekijken en bleek dit nest nu leeg te zijn. 3 eieren verdwenen, geen jongen en ook geen poepsporen onder de nestboom, dus een mislukt nestgeval en dat is jammer.

Lees meer: Jaarlijkse ringdag werkgroep 2021 Wormer en Jisperveld

Afvallige Slechtvalken?

Dat je van je geloof kan vallen is bekend, maar dat je ook van een kerk kunt afdondderen merkten we vandaag.
Om 11.00 uur ontvingen we van de wildopvang in Krommenie een appje dat er twee jonge Slechtvalken bij hun waren gebracht die vanuit de directe omgeving van een kerk in de omgeving afkomstig waren.
Of wij op de hoogte waren van een broedsel op/rond deze locatie, nou nee dus....

Lees meer: Afvallige Slechtvalken

Zaanse Kerkuil vliegt naar Noorwegen

(Vogelbeschermingswacht “Zaanstreek” schrijft historie.)

Het ringen van kerkuilen doe je als hobby, maar ook om bij te dragen aan wetenschappelijk onderzoek naar geboorte, verspreiding, soorttotalen et cetera.

Natuurlijk hoop je dan om ooit een bijzonderheid terug gemeld te krijgen als een uil ergens wordt aangetroffen.

Die hoop werd bij mijn vaste vogel- en ringmaat Michiel Kok en mij de afgelopen dagen bewaarheid.

Vrijdagmorgen 19 maart ontving ik een email van het Vogeltrekstation, waar alle ringgegevens worden beheerd en bewaakt. Al snel denk je dan: “O, jee, zal ik iets fout hebben gedaan?”, want het Vogeltrekstation kent, terecht, nogal een streng protocol met betrekking tot het ringen van vogels.

Maar al snel kom ik erachter dat dit wel een heel bijzondere mail is. Miriam meldt mij dat een door Michiel en mij geringde kerkuil op 12 maart is gevonden in Noorwegen!

Noorwegen? Lees ik het goed? Ja, het staat er echt. De meest verre melding tot nu toe is ongeveer van 60 kilometer ver en dit: zo’n 1400!

Het blijkt dat in Sandefjord in Noorwegen  “onze” uil, nummer x.xxx.530, dood is aangetroffen in een schuur. Uitgehongerd als gevolg van de gevallen sneeuw en mogelijk de vermoeienissen van de verre reis; slechts 205 gram licht. Vel over been dus. (Ik vermeld hier bewust niet het gehele nummer, omdat de melding vanuit Noorwegen in de systemen nog moet plaatsvinden).

De boer die de uil vond, wilde het beest weggooien, maar gelukkig was er een kennis die het toch wel raadzaam vond om de vondst te melden bij de Vogelwacht aldaar. Adrew C. Clarke uit Horten, een ringer en fervent dierenfotograaf, kreeg het beest in handen en wist dat het bijzonder was.

Hij schreef een email aan het Vogeltrekstation in Nederland om verdere gegevens op te vragen en Miriam kon uit de systemen halen dat wij het beest geringd hadden en berichtte ons.

Nog vol van deze “topscore”, schrijf ik Andrew terug en in enkele dagen wisselen we enthousiast alle gegevens uit.

Het blijkt in de provincie waar de uil gevonden is historisch gezien pas de vierde (4e!) waarneming ooit van een Kerkuil te zijn in hun gebied van 17.500 km2.

(Hij schrijft: 1934: afgeschoten (!) uil / 1962: dode uil / 2005: 1  uil geringd)

Maar wat voor ons van veel groter belang is: het is de eerste Nederlandse Kerkuil ooit, teruggevonden in Noorwegen!

De vondst wordt door Andrew dermate van belang gevonden, dat hij een poging gaat wagen om de uil op te zetten en het in een museum onder te brengen.

Als ik mijn ringbestanden nazie, blijken we de uil op 28 augustus 2020 geringd te hebben op een boerderij op de grens van Assendelft. Het nest bestond uit 5 jongen en werd uitgebroed in een nestkast dat elk jaar succesvol is. De betreffende uil wordt door ons geregistreerd als Vrouw; 359 gram zwaar en ongeveer 46 dagen oud. Helaas is het avontuurlijke dier dus nog geen jaar oud geworden. Als we uitgaan van het uitvliegen rond half tot eind september, heeft het slechts een goed half jaar in vrijheid doorgebracht. In een koud en nat najaar en een strenge koude periode in de winter. Het dappere beest had een beter lot verdiend.

Uiteraard heb ik ook direct de kasthouder op het adres waar de uil is grootgebracht geïnformeerd en ook hij was uitermate verrast.

Temeer omdat op hetzelfde adres enkele jaren geleden een torenvalk is geboren, die in het jaar daarop terug gemeld werd in Pingjum, Friesland, naast de vakantiewoning van schoonvader van deze boer!!

Een broedadres met een bijzonder “gouden ”randje…….

Rein Beentjes

22 maart 2021

Dilemma: steenuilen bijvoeren of natuurlijke selectie?

Het is voor de Steenuil nu lastig om voedsel te vinden. ( Rechten: Saxifraga / Mark Zekhuis )

Terwijl de tuinvogels hier en daar nog een pindaslinger en vetbol vinden, hebben de roofvogels niet veel te kiezen. De sneeuwval zorgt ervoor dat een deel van het voedsel niet of minder goed bereikbaar wordt. Bij de Steenuilenwerkgroep Drenthe zijn er zorgen.

De buizerd kan zich nog tegoed doen aan verzwakte beesten. De torenvalk zoekt een warmer oord op als het hier te gek wordt. Maar de meeste roofvogels zien het menu met dit pak sneeuw direct slinken. Niet meteen iets om je zorgen over te maken, vindt roofvogeldeskundige Rob Bijlsma. "Deze beesten bestaan al twee miljoen jaar. Ze hebben al heel wat voor de kiezen gehad, ze redden zich wel. Het is nog niet eens een heel strenge winter."
Een populatie kan wel krimpen. "Als er vogels doodgaan dan ontstaat er meer ruimte voor de vogels die het wel redden. Zij gaan in het voorjaar weer broeden en over twee jaar is het weer bijgetrokken", aldus Bijlsma.

Muis onder de sneeuw

Bij de Steenuilenwerkgroep Drenthe zijn er wel zorgen. Op het wintermenu van de steenuilen staan voornamelijk muizen, die nu onder de sneeuw blijven en niet of nauwelijks te vangen zijn. De werkgroep houdt de weersomstandigheden goed in de gaten. Blijft de sneeuw dagen achtereen liggen, dan wordt aan erfeigenaren en vrijwilligers van de werkgroep gevraagd om de uilen bij te voeren.

Erwin Bruulsema van de werkgroep: "In 2009 hebben we voor het laatst bijgevoerd. Toen lag er drie keer achtereen een week lang sneeuw. Sommigen hebben bezwaar tegen het bijvoeren en dat snap ik heel goed. De sneeuw zorgt toch voor een stukje natuurlijke selectie. Maar het is een lastige: we zijn ook heel druk met de bescherming van de steenuilen; het gaat om een vrij kwetsbare populatie. En de kans dat de sneeuw er aan het eind van de week nog ligt is vrij groot."

Lok muizen voor een 'uilenvoederplek'

Betrokken vrijwilligers en erfeigenaren mogen zelf weten of ze de steenuilen extra voedsel geven. Wie de steenuil wil bijvoeren legt een eendagskuiken (uit de vriezer van de dierenwinkel) in de nestkast.

Van kerkuilen is ook bekend dat ze het moeilijk hebben in de sneeuw. "Op hooizolders van oude boerderijen hebben ze vaak geen plek meer. Ze zijn daarmee ook een jachtplek kwijt. Bijvoeren van de kerkuil is lastiger, omdat ze in principe alleen levend voer eten." Bruulsema heeft een tip voor erfeigenaren: "Leg tegen de schemering zaden op de grond, langs een takkenril of houthok bijvoorbeeld. Daar komen muizen op af. Eigenlijk maak je dan een uilenvoederplek."

'Iets dat op een tak zit'

Geen muizen, dat is geen probleem voor de bosuilen. "Die vinden wel iets dat op een tak zit", zegt Claus van den Hoek uit Nijensleek. Tijdens de sneeuwjacht van 6 op 7 februari kwam de bosuil al met een vogeltje thuis.

Ook ransuilen schakelen van muizen makkelijk over op vogeltjes. Denk aan huismussen en vinkachtigen. In de winter komen de ransuilen samen in een boom, een roestboom. Je zou denken dat je roestbomen makkelijk kan vinden, maar door de camouflage van de ransuilen gaat het toch niet zo makkelijk.

Bron: RTV Drenthe / https://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/167343/Dilemma-steenuilen-bijvoeren-of-natuurlijke-selectie

 

We zullen gaan zien hoe de uilen deze sneeuwperiode door gaan komen en bij de eerste controlerondes van de kasten in het vroege voorjaar zullen we een eerste indicatie gaan krijgen van de situatie waarin het uilenbestand in onze regio zich bevindt.

Ondertussen is ook Beleef de lente 2021 weer online te vinden:
https://www.vogelbescherming.nl/beleefdelente